Loading...

De teloorgang van het Nederlandse Landschap deel 2: Dalend land en verdwijnend veen

In deel één van deze reeks schreef ik over het verdwijnen van cultuurhistorische elementen in ons landschap. In deel 2 van De teloorgang van het Nederlandse Landschap ga ik het hebben over ander urgent probleem; De problematiek van de veenweidegebieden. Weinig mensen zijn zich ervan bewust, maar in veenweidegebieden daalt de bodem vaak sneller dan dat de zeespiegel stijgt. In dit artikel leg ik uit hoe dit komt, waarom dit een probleem is en wat mogelijke oplossingen zijn.

Places of Hope

Het moment dat ik me bewust werd van de ernst en de schaal van het probleem was tijdens de University of Hope bijeenkomst ‘Perspectief voor dalend Nederland’, in 2018. Daar sprak Peter de Ruyter, één van de mensen die de veenweideproblematiek op de kaart heeft gezet. Een paar maanden later had ik de kans persoonlijk met hem te spreken, toen It Fryske Gea (waar ik destijds aan mijn afstudeerproject werkte) hem had uitgenodigd. Zowel de bijeenkomst tijdens places of hope als een interview met Peter de Ruyter zijn terug te zien in deze documentaire van FryslanDok.



Wat zijn veenweidegebieden?

Veenweidegebieden zijn zoals de naam al doet vermoeden weilanden op veen. Je vindt ze in de lagere delen van Utrecht, in Noord- en Zuid Holland, de Zuidwesthoek van Friesland en in de kop van Overijssel. Een veenweidegebied is te herkennen aan de vele sloten en slootjes.

Tot de middeleeuwen waren het veenwildernissen waar permanente bewoning niet mogelijk was. Vanaf de 11e eeuw werd de wildernis stukje bij beetje in cultuur gebracht door het graven van sloten. Hierdoor werd het mogelijk om landbouw te bedrijven op de dikke veenkussens. Deze waren destijds meters hoger dan vandaag de dag. Het was de eerste eeuwen na de ontginning zelfs mogelijk om akkerbouw te bedrijven op de veengrond, iets wat vandaag de dag niet meer mogelijk is.

Verdroging en oxidatie

De reden dat dit niet meer mogelijk is is het proces van verdroging en oxidatie. Dit proces wordt door de ontwatering van het veen in gang gezet. Veen is afgestorven plantaardig materiaal wat door natte, zuurarme omstandigheden bewaard blijft. Wanneer de grondwaterspiegel door toedoen van de mens wordt verlaagd en er lucht binnendringt in de bovenste laag veen, begint het dode plantaardige materiaal alsnog te verteren.

Bodemdaling

Veen bestaat voor 10 tot 15 procent uit onverteerd dood plantaardig materiaal. De rest is water. Wanneer water uit het veen wordt ontrokken en het plantaardig materiaal verteert is het logische gevolg dat de bodem daalt. Dat wordt inklinking genoemd. De afgelopen decennia dalen de veenweidegebieden in Nederland met maar liefst 1 a 2 centimeter per jaar. Ruim een meter per eeuw dus. Dit gaat zo snel omdat boeren met hun zware landbouwmachines het land op willen. Om ervoor te zorgen dat de machines niet wegzakken in natte grond houden waterschappen de waterspiegel erg laag. Hierdoor gaat het proces van oxidatie en verdroging relatief snel.



CO2-uitstoot

Wat in de huidige tijd van groot belang is is het feit dat bij de oxidatie van veen veel C02 vrijkomt. CO2 die mee wordt gerekend bij het wel of niet behalen van de klimaatdoelen. Veen is dood plantaardig materiaal en houdt daarom veel koolstof vast. Wanneer het veen verdroogt en ontbindt vinden er chemische reacties plaats waardoor er o.a. methaan en koolstofdioxide in de atmosfeer terecht komen. En dit gaat om serieuze hoeveelheden. Naar schatting stoten veengebieden in Nederland evenveel CO2 uit als twee miljoen auto’s.



Schade en kosten

Naast veel extra CO2-uitstoot zorgt inklinkend veen ook voor schade. Je moet dan vooral denken aan schade aan woningen en infrastructuur. Dit is een reëel probleem waar inmiddels al kamervragen over zijn gesteld. het Planbureau voor de Leefomgeving heeft de schade ten gevolge van bodemdaling tot 2050 berekend op 22 miljard euro.

Oplossingen

Een hoge CO-uitstoot, miljarden euro’s schade en een kenmerkend Nederlands landschapstype dat dreigt te verdwijnen, reden genoeg om in actie te komen. En het probleem staat inmiddels ook wel degelijk op de politieke agenda. Zo is in het klimaatakkoord het tegengaan van bodemdaling in veenweidegebieden opgenomen als één van de doelstellingen.

Maar over de wijze waarop dat doel kan worden behaald verschillen de meningen. Mogelijke oplossingen zijn onderwaterdrainage en fixatie of verhogen van het waterpeil. Voor boeren zal dit grote consequenties hebben; weilanden zullen steeds natter worden en daardoor steeds minder geschikt voor veeteelt. Maar ook zonder maatregelen tegen bodemdaling zullen boeren uiteindelijk met nattere weilanden te maken krijgen. Het waterpeil kan immers niet tot in het oneindige verlaagd worden.

Het is nu vooral belangrijk dat er op tijd concrete oplossingen komen zodat ook volgende generaties nog van het veen kunnen genieten.

You might also like

No Comments

Leave a Reply